historie

Over kloosters en Ameland

In de encyclopedie van Friesland (pag. 295) wordt  vermeld, dat er te Hollum een klooster was gevestigd. Een Benedictijnenabdij Foswerd of Bethanie. Het klooster was gewijd aan sint Jan de Doper.
De invallen van de Noormannen hebben er voor gezorgd, dat de abdij rond het jaar 1000 werd verplaatst naar Ferwerd. Het deel van noord Friesland dat nu Ferweradeel heet, had de (kerkelijke?)rechten over Ameland.
De naam Foswerd zou zijn afgeleid van "Forsitiswerd", zodat Ameland ook wel eens werd vereenzelvigd met Forsitisland (Plinius; Romeinse nototies ). De historische gegevens zijn echter sterk gekleurd, en niet 100% betrouwbaar.
Dezelfde encyclopedie geeft ook een overzichtje (pag. 413) van voormalige kloosters in Friesland en een situering daarvan op kaart. Hieruit blijkt dat 't klooster Foswerd in Nes moet hebben gestaan. 't gevolg is dat de vraag rijst nu, óf er een klooster heeft gestaan , waar dat heeft gestaan, en wanneer, en hoe lang.
Er wordt ook nog gewag gemaakt van een dubbelklooster, voor zowel monniken als nonnen. En dat deze heeft gestaan in Hollum. Dit zou ontleend zijn aan een oude kroniek van Otto van Scarl, voortgezet door Andreas Cornelius, die later een druk heeft doen uitgaan in 1597.
F. Allen, schrijver van 't boekje "Het eiland Ameland", verschenen in Amsterdam 1857, rept van drie kloosters op Ameland, namelijk één in Hollum op 'de akkers', één ten oosten van Ballum op een hoogte "Monnikhuis" geheten(nu omgeving v.d. Manege), en één ten zuiden van Buren op 't Kloosterhiem.
Hoe dan ook, er zijn tot op heden onvoldoende bewijzen om te zeggen of er een klooster op Ameland heeft gestaan. Wel zijn er op genoemde plaatsen resten van gebouwen in de vorm van fundamenten of  losliggende kloostermoppen gevonden.
Men kan er nog aan toevoegen; de hoogte ten oosten van de NH Kerk te Hollum...Hofland of Houland geheten.
De resten op zich bewijzen zeker bebouwing , het kunnen schuren, onderkomens dan wel kapellen zijn geweest. Plaatsing in tijd is niet nauwkeurig te doen, Een gedegen onderzoek ter plaatse zou hier meer licht op kunnen laten schijnen. Meest waarschijnlijk is, dat het gebouwen zijn geweest, zijnde eigendommen van het klooster te Ferwerd. Waarschijnlijk onderkomens voor mens en dier en mogelijk een kleine bidplaats.

De toren van Ballum

Zoals vele torens in kleine dorpen is ook de toren van Ballum gebouwd voor het ophangen van een luidklok. Te gebruiken t.b.v. tijdsaanduiding, alarm en bij voor- en tegenspoed. Naar verluid is de toren gebouwd ter vervanging van een houten exemplaar. Langs de kust deden de torens tevens dienst als baken t.b.v. plaatselijke vissers op zee. Soms werd er vroeger zelfs een vuur op gestookt om vissers in het donker de weg te wijzen.
Zo stond er vermoedelijk bij het kerkje op de begraafplaats te Ballum ook een torentje. Het Camminghaslot had er zelf ook een. Beiden zullen t.b.v. de scheepvaart hun nut hebben gehad.
Van de toren aan het Camminghaslot is bekend dat in 1752 leidekker P. Mellema uit Leeuwarden aan het torendak reparaties heeft uitgevoerd. Het slot stamt uit de 15e eeuw en werd in 1829 afgebroken. Toen werd er in de duinen te Ballum een kaap opgericht t.b.v. de scheepvaart. De Kaap is inmiddels al lang weer verleden tijd.
Terug naar de dorpstoren:
Deze dateert van 1755, en was ter vervanging van een houten exemplaar. De zeer bekende Haagse steenhouwer Jan Oosthout leverde een mooie gevelsteen(wit Bremer hartsteen) , met daarop het wapen van Prins Willem V. Wel logisch eigenlijk, daar de Oranjes te Ballum een stoeterij hadden. Er werden paarden(Friese) gefokt voor de koetsen.
Tijdens de Franse overheersing zo rond 1800 werd landelijk alles wat aan de Oranjes deed denken door de Fransen uit het straatbeeld verwijderd. Zo verdween ook het wapen van Prins Willem V boven de deur van de Ballumer toren.
Dat de gemeente(eigenaar van de toren) een aantal jaren geleden een bordje plaatste naast de torendeur met daarop de verklaring dat het ging om een wapen van de Cammingha's, berust dus op een enorm misverstand....!

wordt vervolgd